• Bel ons:030 - 225 07 07
  • Spoed:030 - 225 07 07

Katten

Informatie over uw kat

Informatie over uw kat

Door de geschiedenis heen is er al een band geweest tussen ons mensen en de kat. Het begon zo'n 5000 jaar geleden bij de Egyptenaren. Deze mensen temden wilde katten ter bestrijding van ongedierte en werden vereerd. De Romeinen brachten de eerste katten naar Europa voor de ongedierte bestrijding.

De kat als gezelschapsdier

Vanaf de 18e eeuw kreeg de kat een andere plaats in het hart van de mens. De kat werd een gezelschapsdier en de fok op rassen werd geboren. In verband met hun sterke en individuele karakter staan ze tegenwoordig dichter bij ons dan ooit.

Biologische gegevens

Gemiddelde leeftijd: 13 jaar, afhankelijk van het ras

Potentiële leeftijd: 20 jaar

Lichaamsgewicht: 4 - 5 kg, afhankelijk van het ras

Geslachtsrijp: vanaf een half jaar oud

Draagtijd: 63 - 70 dagen

Gemiddelde worpgrootte: 3 - 4 kittens 

Speenleeftijd: 8 weken

Lichaamstemperatuur: 38.5 tot 39.0 °C

Gebit: Katten hebben drie snijtanden per helft, zowel boven als onder, één hoektand en vier kiezen boven en drie kiezen onder. Alle kiezen hebben twee wortels, behalve de grote scheurkies in de bovenkaak, die heeft er drie.

Het melkgebit begint door te komen op twee tot drie weken leeftijd. Op zo'n drie maanden leeftijd begint het kitten met wisselen tot het ongeveer een half jaar is.

Gedrag

Katten hebben een krabplek nodig om hun nagels scherp te houden. Gebruik hiervoor een krabpaal of een stukje tapijt bij de deurpost. De krabplek moet zo groot of hoog zijn dat de kat zich er helemaal tegen kan uitrekken. Help uw kat de eerste keer met krabben, zodat de geur van uw kat aan de krabplek komt, ter voorkoming dat de kat ergens anders gaat krabben.

Soms kunnen katten gedrag vertonen dat wij liever niet hebben. Dit kan gaan om ongewenst natuurlijk gedrag, zoals sproeien om een territorium, maar ook om onnatuurlijk gedrag zoals krijsen door dementie. Neem, bij problemen met het gedrag van uw kat, altijd contact op met uw dierenarts.

Huisvesting en verzorging

Het maakt niet uit of het gaat om een binnenkat of buitenkat. Als u er voor zorgt dat de kat gezonde voeding krijgt, voldoende beweegt, haar vacht, gebit en nageltjes goed verzorgt, dan doet u er alles aan om haar een heerlijk gezond leven te geven. Verder kunt u een aantal ziektes eenvoudig voorkomen met inentingen, ontwormen en vlooien/tekenbestrijding. Het is goed om uw kat geregeld door een dierenarts te laten controleren.

Voeding

Net als mensen hebben katten ook speciale voedingsbehoeften. Voor een goede gezondheid van uw kat is een uitgebalanceerd dieet zeer belangrijk. Een goede voeding zorgt voor een gezonde vacht, tanden, botten en organen. Een kitten in de groei heeft andere voedingsbehoeften dan een volwassen kat of een kat met kwaaltjes. Laat u zich daarom door een dierenarts informeren over de juiste voeding voor uw kat.

Hanteren

Een kat tilt u op door zijn borst te ondersteunen en een arm achter de achterpoten langs te leggen. Verder kan men een kat in het nekvel beetpakken, maar doe dit voorzichtig! De moederpoes doet dit ook met de kittens om deze te verplaatsen, maar een volwassen kat is een stuk zwaarder. Ondersteun bij het optillen dus altijd het achterlichaam van uw kat.

Pillen ingeven is bij katten niet altijd makkelijk. U opent de bek van de kat en met de andere hand duwt u het tabletje zover mogelijk achterop de tong. Nu de bek dichthouden en zachtjes over de keel wrijven tot de kat slikt. Als dit echt niet lukt kunt u de tabletjes in voer verstoppen, overleg dit vooraf even met uw dierenarts. Een van onze assistentes kan het toedienen van een tabletje bij uw kat ook voor doen. Soms kunnen wij een drankje maken waarin de tabletjes zijn opgelost.

Naar de dierenarts

Er zijn een aantal symptomen die kunnen wijzen op een ziekte bij uw kat. Het is dan raadzaam om contact op te nemen met uw dierenarts. Soms is er zelfs spoed bij, dus aarzel niet om te bellen bij:

  • Ander gedrag, zoals extreem rustig of onrustig 
  • Verandering in eetpatroon, veel meer of veel minder eten, veel overgeven 
  • Lelijke vacht, extreem veel haaruitval, kale plekken, schilfers 
  • Duidelijke pijn, moeilijk bewegen 
  • Hijgen, hoesten, kuchen 
  • Meer of juist minder plassen en poepen, veel persen, bloed erbij 
  • Temperatuur hoger dan 39 ºC 
  • Knipvlies (derde ooglid) is zichtbaar 
  • Vieze ogen en/of neus

Vaccineren

Ongeacht of uw kat buiten komt of niet, het is altijd verstandig om uw kat te laten vaccineren. De meest gebruikelijke vaccinaties zijn tegen katten- en niesziekten. Kittens worden op negen en twaalf weken leeftijd gevaccineerd. Volwassen katten elk jaar.

Met betrekking tot het buitenland gelden er wettelijke regels. De kat moet minimaal één maand voor vertrek naar het buitenland worden geënt tegen rabiës. Wanneer dit een keer is gebeurd, is jaarlijks herhalen voldoende.

Ontwormen en ontvlooien

Elke kat kan vlooien of wormen krijgen. Kittens krijgen al wormen mee van hun moeder. Ook een binnenkat kan wormen oplopen. Wormeieren kunnen onder andere via het schoeisel het huis binnen gebracht worden.

Wij adviseren om kittens op vier, zes en acht weken leeftijd te ontwormen. Daarna elke maand tot de leeftijd van een half jaar. Vanaf de leeftijd van een half jaar adviseren wij om de kat twee keer per jaar te ontwormen, tenzij u kleine kinderen heeft of de kat buiten komt, dan is ons advies vier keer per jaar. Vlooien kunnen het hele jaar door voorkomen, dus ook in de winter. Dit komt omdat het in huis lekker warm is. Ons advies is dan ook het hele jaar aan vlooienbestrijding te doen.

Voor de kat is het mogelijk om met twee injecties per jaar aan optimale vlooienpreventie te doen. Dit gebeurt met de Program injectie. Deze injectie doodt niet de volwassen vlooien op uw dier, maar wanneer de vlo uw kat bijt, krijgt deze het middel via het bloed van uw kat binnen. Dit middel komt in de eitjes van de vlo terecht en hierdoor kunnen deze eitjes niet uitkomen. Daarnaast komt het middel in de ontlasting van de vlo terecht en valt in de omgeving, de vlolarven in de omgeving leven van deze ontlasting en krijgen op deze manier ook het middel binnen. Hierdoor kunnen ook de larven zich niet meer verpoppen tot nieuwe vlooien. Door twee keer per jaar een Program injectie te geven worden dus alle vlooieneitjes en larven in uw omgeving gedood, of kunnen niet uitkomen, waardoor een hele omgevingsbesmetting wordt voorkomen. En laat deze omgevingsbesmetting nu 95% van het totale vlooienprobleem zijn! Heeft uw kat toch één of meerdere vlooien opgelopen, dan kunt u deze door middel van een pipet of pil (Activyl, Vectra Felis of een tablet Comfortis) doden. Heeft uw kat ook last van teken, dan adviseren wij Broadline®.

Voor een uitgebreidere informatie kunt u bij ons aan de balie terecht of even bellen.

Castreren en steriliseren

Ons advies is om uw kater te laten castreren op negen maanden leeftijd. Dit in verband met het uitgroeien van de kater met de daarbij behorende katereigenschappen (zie voordelen van castreren).

Indien de kater al eerder dan op negen maanden leeftijd in huis gaat plassen of sproeien dan adviseren wij om hem direct te laten castreren. Doet u dit niet, dan zal uw kater dit het gedrag weer moeilijk afleren.

De voordelen van castreren zijn:

  • Minder kans op sproeien of plassen in huis
  • Minder sterke urinegeur
  • Minder drang van de kater om buiten te gaan zwerven.

Ons advies is om uw poes te laten steriliseren op zes à zeven maanden leeftijd. Dit is vaak nog voor de eerste krolsheid.

De voordelen van steriliseren zijn:

  • Geen krolsheden meer
  • Geen ongewenste dracht
  • Verminderde kans op het krijgen van melkkliertumoren op oudere leeftijd
  • Verminderde kans op baarmoederontsteking.

Het enige nadeel van steriliseren of castreren is dat de kat dikker kan worden. Dit kan makkelijk voorkomen worden door de kat preventief op een light dieet te zetten of door de kat wat minder eten te geven.

Bij de poes kan ook de poezenpil gegeven worden om krolsheid uit te stellen. Wij raden het gebruik hiervan echter af vanwege de nadelen zoals suikerziekte, melkkliertumoren en baarmoederontsteking.

Zoönosen

Zoönosen zijn aandoeningen die over kunnen gaan van dier op mens. De bekendste en meest voorkomende aandoening is de huidschimmel. Bij de kat gaat het bijna altijd om de schimmel Microsporum canis. Deze aandoening kan bij katten op alle leeftijden voorkomen, maar wordt het meest waargenomen bij kittens.

De schimmelinfectie openbaart zich als een mottige vacht of als ronde, kale en rode plekken. Deze zijn meestal te vinden op de kop en de poten. De dieren hebben vaak geen jeuk. De schimmel is zeer besmettelijk en kan overgedragen worden via direct contact met aangetaste dieren of via schimmelsporen uit de omgeving. De huidschimmel kan van de kat overgaan op andere katten, de hond, de cavia en ook op de mens! Een groot aantal katten blijkt drager te zijn van de aandoening. Deze katten hebben zelf geen vacht- of huidproblemen, maar kunnen wel de infectie overdragen.

Terug naar dierinformatie

Contactinformatie praktijk

Dierenkliniek Vossegat

Terug
  • Ma
    9:00 - 19:00 uur
  • Di
    9:00 - 19:00 uur
  • Wo
    9:00 - 18:00 uur
  • Do
    9:00 - 19:00 uur
  • Vrij
    9:00 - 18:00 uur
  • Za
    10:00 - 12:00 uur
  • Zo
    Gesloten

Contactinformatie bij spoedgevallen

Bel a.u.b.:

030 - 225 07 07
Terug

Vind ons hier:

Adriaen van Ostadelaan 44 3583 AK Utrecht Wij werken uitsluitend op afspraak
ontvang een routebeschrijving via Google Maps
Terug

Bel a.u.b. dit nummer bij spoedgevallen:

030 - 225 07 07